donderdag 23 april 2009

Ach wat nou afscheid

Het zijn weer geweldige weken geweest, met veel tijd voor ontmoetingen en interessante gesprekken over levensthema's. Zowel afscheid als begin waren issues die voorbij kwamen. Afscheid in de meest definitieve zin van het woord. Patsboem, opeens is het afgelopen, maar ook langzaam naderbij sluipend afscheid.
Zo'n abrupt afscheid betrof een mevrouw in de straat. Alhoewel ik haar persoonlijk niet zo goed kende, heb ik regelmatig een praatje gemaakt met haar man die me op de hoogte hield van het verloop van haar ziekte. Thuisgekomen na de begrafenis legde ik, in eerste instantie enigszins achteloos, het gedachtenisprentje in mijn mand. Ik heb een mand waarin allerlei belangrijke levensmomenten van mij en mijn naasten verzameld zijn. Huwelijksaankondigingen, geboortekaartjes, rouwprentjes, maar ook gedichten en liefdesbrieven. Zo één keer per jaar ga ik ervoor zitten om het allemaal weer eens door te nemen. Dat vraagt moed vanwege de gevarieerde emoties die voorbij komen. Grappig genoeg kruip ik dan altijd in het oude vest van ons pap, alsof dat de pijn enigszins kan verzachten. De mand bevat een kopie van de brief die ik ons pap meegegeven heb naar het hiernamaals, overigens samen met een pakje Sterlingshag en een doosje Potters. Prentjes van stilgeboren kindjes, ouders van vrienden, ooms en tantes. Prentjes van jonge vrienden. Twee ervan stierven plotseling, hebben geen afscheid meer kunnen nemen. Twee anderen verkozen zelf de dood. Alhoewel het, gezien hun lijden aan het leven begrijpelijk is, blijft het tegelijkertijd ongelofelijk moeilijk te accepteren dat iemand zo alleen in het leven kan komen staan en zo diep ongelukkig is dat hij geen andere uitweg meer ziet. Eén van hen heeft nog een woord van dank achtergelaten aan al die mensen die poogden het leven draaglijker te maken, de ander kon zelfs dát niet meer.
Moeilijk, een keuze te moeten maken wanneer je weet dat je einde nadert. Ook dat thema speelt voor mij. De aanleiding weet ik niet meer maar in de familie kwamen we te spreken over hoe zaken geregeld moeten worden mocht mij iets overkomen. Wat zijn mijn wensen als ik bijvoorbeeld een ernstige hersenbloeding zou krijgen of kom te overlijden. Het praktische gedeelte is niet zo'n probleem. Een overzicht van rekeningen, abonnementen en wat waar te vinden is, is zo gemaakt. Maar een lijst van wie er op je laatste feestje mogen komen, welke spullen je aan wie na wilt laten en welke muziek je wilt draaien wordt al lastiger. Soms leg ik het maar even weg omdat ik merk dat ik enigzins doorschiet in het regiseren van mijn eigen begrafenis. Ik vertrek waarschijnlijk zoals ik geleefd heb, met onverwachte verrassingen en alles volgens plan. Beetje griezelig ook wel en aangezien ik niets over mezelf af wil roepen laat ik het regelmatig voor wat het is.
Eén ding weet ik wel zeker, ik wil niet dat er standaarddingen over me gezegd worden zoals op de begrafenis van de buurvrouw. Een traditionele mis die waardevol geweest is voor de nabestaanden en die ik kan volgen maar die mij niets zegt. Ik word nergens geraakt door de teksten en de rituelen die gebruikt worden. Kriebels kreeg ik ervan toen de pastoor deze vrouw eer bewees omdat ze zoals het hoort haar rol als moeder en echtgenoot vervuld heeft, dát gedaan heeft waartoe zij op aarde was. Alsof je zonder partner en kinderen geen rol te vervullen zou hebben. Over mij hoeft bijvoorbeeld niet gezegd te worden dat ik lief was. Ik ben betrokken, oprecht, onafhankelijk en nog veel meer, maar ik ben niet lief. Evenmin als dat ik altijd een luisterend oor zou hebben voor mensen met problemen. Ik heb geen luisterend oor, ik val iedereen in de rede en ventileer luidruchtig mijn mening, ook als het andermans problemen betreft. Kortom, hopelijk wordt ik herdacht zoals ik was, dus ook ongeduldig, eigenwijs en een spraakwaterval, zonder verhullende poespas als het ooit zover is. Een goede reden dus om toch maar werk te maken van een soort afscheidsdocument zodat mijn leven niet aan het einde afgedaan worden met een tenietdoening van alle inspanningen die ik gedaan heb om op te vallen.
Maar goed...de brief bevat ook een paar prachtige brieven. Van die brieven waarvan je hoopt dat je ze ooit in een doos van oma vindt. Liefdesbrieven die het bewijs vormen dat je tenminste éénmaal in je leven hebt liefgehad en werd liefgehad. Egostrelend zoals je opgehemeld wordt en hartverscheurend waarom het tijd voor afscheid is. Kortom met alles wat hoort bij een onmogelijke liefde. In deze liefde was alles terug te vinden van een sluipend naderend afscheid. Behalve het genot, de lol en de lust duidde alles erop dat we nooit in staat zouden zijn de rol te vervullen die de ander van ons verwachtte. Ik zou nooit het mooie meisje aan de zijlijn worden die kritiekloos thuis op hem wacht en hij zou nooit die emotioneel volwassen man worden op wie ik zou kunnen varen in woelige tijden. Er was gewoon niet meer voldoende lijm voorhanden om de scherven wéér aan elkaar te plakken en met een verbrijzeld hart nam ik letterlijk en figuurlijk afstand door naar Canada te vertrekken.
En ook dat vind ik terug. In een prachtige brief van een jongen die ik ontmoette in de Rocky Mountains in Canada, jaren geleden, en met wie ik een week doorbracht in een groep in de wildernis. Soms ontmoet je mensen die je je leven lang bijblijven, al zie je ze nooit meer. Die je laten zien wie je bent en wie je vooral moet blijven. Hij was het die me, in een week vol wandelingen, wildernis en wijnmomenten me deed inzien dat liefdes levenslessen zijn en geen permanente staat van zijn. Dat grootse liefdes uit de geschiedenis niet vlekkeloos en alleen harmonieus verlopen maar juist zo groots zijn omdat ze het beste uit je halen wat er in zit, ook als dat betekent dat je daardoor de ander niet meer herkent in hoe je in het leven staat. Grootse liefdes maken je tot wie je bent. Op mij had het het effect dat er meer kwam van wat er al was. Nog vrijer, nog onafhankelijker en zelfstandiger. Dat zie ik nu, toen voelde ik me vooral verplicht aan hem en gevangen en vol van iemand anders in mijn hoofd, waardoor ik mezelf dreigde te verliezen. Nu ben ik die grote liefde daar dankbaar voor. Onbewust heeft hij me meer van mezelf gegeven dan ik in mijn eentje gevonden zou hebben. En met goede herinneringen en een vergevende grijns bedenk ik dat de toenmalige man van mijn leven altijd refereerde aan een gedicht van J.P. Rawie: "It's better to have loved and lost then never to have loved at all." Op zijn zoektocht naar de liefde heeft hij vaak geïncasseerd maar vooral ook heel veel lol gehad en dat had ik hem nooit af willen pakken. Evenmin als hij me niet af wilde pakken dat ik op de eerste plaats sta en anders liever een stukje ga lopen.
In de liefdesbrieven en de brief uit Canada, van Pablo, lees ik mezelf terug. Vrijgevochten, onafhankelijk, zelfstandig, oprecht... maar ook kwetsbaar als ik wil én serieus. Maar ik heb afscheid genomen van oud zeer en wroeging. Het was zo als het was en nu is het weer anders...

Meer in het heden waren er ook mooie wandelingen, wildernis en wijnmomenten met Janny. Gewoon in Zuid-Limburg, onze eigen Rocky Mountains in Nederland. Want keien waren er zat, mooie ronde, hoekige, gekleurde, witte. Geïnspireerd door het feestje van Janny, met oud-collega's waarbij we ronde keien inpakten in vilt, hebben Janny en ik onze tijd onder andere besteed aan keien zoeken. Misschien hebben we er wel uitgezien als oude vrouwtjes, gebogen en een beetje langzaam over de paden in het prachtige heuvellandschap. Geweldig en bijzonder hoe je afscheid kunt nemen. Janny's afscheid op haar werk zat er aan te komen, in wisselend tempo was te voorzien dat het moment zou komen. En hoe je er dan voor kunt kiezen om er iets goeds van te maken. En zo ontmoet je dan opeens mensen van wie je afscheid genomen had. Sommigen waar ik eigenlijk niet meer aan gedacht had, anderen waarvan je hoopte dat je ze nog eens zou zien. En het is ook een soort beginnetje, elkaar opnieuw leren waarderen om wat je nú doet, niet om wat geweest is. Inspirerend en motiverend om op een andere manier bij elkaar te zijn, afscheid te nemen van de rol die je had en een begin te maken met een nieuw gedeelte van jezelf, wat anderen misschien allang in je gezien hadden.

Een wonderbaarlijk moment was 's nachts, toen we na een dag lopen, praten, eten en wijntjes drinken gingen slapen. Janny vond het een goed idee dat ik aan de kant van de deur zou gaan liggen, dan kon ik haar beschermen als er iemand binnenkwam, want ik durfde dat wel. Een slapeloze nacht was het vervolg en uit een eerder blog bleek al dat ik altijd slaap, maar niet als ik prettig hyper ben ergens over. Want dat grapje maakte dat ik me ineens realiseerde dat zij vroeger mij beschermde in haar rol van leidinggevende. Nu opeens het vertrouwen en de eer te krijgen dat ik in kan staan voor haar veiligheid deed me goed. Behalve dat zat mijn hoofd nog vol bloesem, dikbilkoeien en keien, woorden en gedachten en inspiratie voor al mijn plannen. Het bed lag te lekker om er niet bewust van te genieten en met af en toe een dutje ben ik glimlachend de nacht doorgekomen. Door afscheid te nemen van mensen, rollen, oude patronen ontdek je je sterke kanten door het ontmoeten van nieuwe mensen, rollen en patronen (want ja, met patronen is niets mis mee als ze werken). Kortom, ik ben er weer helemaal klaar voor, kom maar op...


met dank voor de foto aan Janny